Gemeentelijk leegstandsregister

De gemeente is bevoegd voor de opmaak en de actualisatie van het leegstandsregister. Een gebouw wordt als leegstaand beschouwd indien meer dan de helft van de totale vloeroppervlakte, van alle niveaus, niet overeenkomstig de functie van het gebouw wordt aangewend gedurende een termijn van tenminste 12 opeenvolgende maanden. Daarbij houden we geen rekening met woningen die deel uitmaken van het gebouw. Een woning wordt verder als leegstaand beschouwd wanneer zij gedurende een termijn van tenminste 12 opeenvolgende maanden niet aangewend wordt in overeenstemming met de woonfunctie, met andere woorden als de woning niet wordt bewoond.

Procedure tot vaststelling van de leegstand

De administratie onderzoekt de leegstand van een gebouw of een woning aan de hand van volgende objectieve indicaties:

  • Het ontbreken van een inschrijving in het bevolkingsregister op het adres van de woning of de aangifte als tweede verblijf gedurende minimum 12 opeenvolgende maanden.
  • Het ontbreken van een aansluiting op de elektriciteitsvoorzieningen gedurende minimum 12 opeenvolgende maanden.
  • Een dermate laag verbruik van de elektriciteitsvoorzieningen gedurende minimum 12 opeenvolgende maanden zodat een gebruik overeenkomstig de functie van het gebouw kan worden uitgesloten.
  • Het bekomen van een verminderd kadastraal inkomen overeenkomstig artikel 15 van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen 1992.
  • De onmogelijkheid om het gebouw of de woning te betreden, bijvoorbeeld door een geblokkeerde toegang, door verzegeling of door dicht timmeren van ramen of deuren.
  • De water- of winddichtheid van het gebouw of de woning is niet gewaarborgd omwille van:
    • zeer zware infiltraties via het dak of gevel
    • belangrijke glasbreuk op één of meerdere plaatsen
    • het niet meer kunnen afsluiten van buitenschrijnwerk
    • een onafgewerkte ruwbouw
    • een gedeeltelijk vernieling of sloping van het woning
    • het langdurig aanbieden van het gebouw of de woning als ‘te huur’ of ‘te koop’
    • dichtgeplakte of uitpuilende brievenbussen
    • slecht onderhouden omgeving of tuin;
    • het visueel vaststellen door ramen of andere openingen dat het gebouw of de woning niet of nauwelijks bemeubeld is
    • het vermoeden, eventueel op basis van getuigenverklaringen van de wijkagent dat een woning niet bewoond is of niet wordt gebruikt in overeenstemming met de woonfunctie of een gebouw niet gebruikt wordt of niet gebruikt wordt in overeenstemming met de bestemming

Als uit de feitelijke indicaties blijkt dat de leegstand al minimum 12 opeenvolgende maanden aanhoudt, nemen we het gebouw of de woning op in het leegstandsregister.

Kennisgeving en beroepsprocedures tot vaststelling van de leegstand

De administratie stelt de zakelijk gerechtigde per beveiligde zending in kennis van de beslissing tot opname van de leegstaande woning of het leegstaande gebouw in het leegstandsregister.

Deze zending bevat:

  • de administratieve akte
  • het beschrijvend verslag
  • een overzicht van de feiten die aanleiding geven tot een vrijstelling van de leegstandsheffing

Beroep aantekenen

Binnen een termijn van 30 dagen, ingaand de dag na deze van betekening van het schrijven, kan je een zakelijk gerechtigde beroep aantekenen tegen de beslissing tot opname in het leegstandsregister. Dit beroep moet betekend worden aan het college van burgemeester en schepenen door middel van een beveiligde zending.

Het beroepschrift wordt gedagtekend en genaamtekend en bevat minstens volgende gegevens:

  • identiteit en adres van de indiener
  • de verwijzing naar de administratieve akte en naar het gebouw of de woning waarop het beroep betrekking heeft
  • een of meer bewijsstukken die de indiener nodig acht om aan te tonen dat niet voldaan is aan de vereisten inzake leegstand, met dien verstande dat de vaststelling van de leegstand betwist kan worden met alle bewijsmiddelen van gemeen recht, met uitzondering van de eed
  • een oplijsting van de bij het beroepschrift gevoegde bewijsstukken

Als het beroepschrift ingediend wordt door een persoon die optreedt namens de zakelijk gerechtigde, voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging, tenzij hij optreedt als raadsman die ingeschreven is aan de balie als advocaat of als advocaat-stagiair.

Het beroepschrift wordt als onontvankelijk beschouwd wanneer:

  1. het beroepschrift te laat is ingediend of niet is ingediend conform de bepalingen van artikel 8 van dit besluit; 
  2. het beroepschrift niet uitgaat van de zakelijk gerechtigde conform artikel 1, 4. van dit besluit of zijn gemachtigde conform artikel 8, laatste lid, van dit besluit; 
  3. het beroepschrift niet ondertekend is.

Wanneer het college van burgemeester en schepenen de onontvankelijkheid vaststelt, wordt dat aan de indiener meegedeeld met de vermelding dat de procedure als afgehandeld wordt beschouwd.

Het college van burgemeester en schepenen onderzoekt als beroepsinstantie de gegrondheid van de ontvankelijke beroepschriften op basis van stukken als de feiten vatbaar zijn voor directe, eenvoudige vaststellingen, of met een feitenonderzoek dat uitgevoerd wordt door de bevoegde ambtenaar.

Het college van burgemeester en schepenen doet uitspraak over het beroep en betekent per beveiligde zending deze beslissing aan de indiener ervan binnen een termijn van 90 dagen, ingaand de dag na deze van de betekening van het beroepschrift door de indiener.

Schrapping uit het leegstandsregister

Een gebouw wordt uit het leegstandsregister geschrapt, eens een zakelijk gerechtigde bewijst dat meer dan de helft van de totale vloeroppervlakte van alle niveaus overeenkomstig de functie aangewend wordt gedurende een termijn van minstens zes opeenvolgende maanden. De beheerder van het leegstandsregister vermeldt als datum van schrapping de eerste dag van de aanwending overeenkomstig de functie.

Een woning wordt uit het leegstandsregister geschrapt, eens een zakelijk gerechtigde bewijst dat deze woning gedurende een termijn van minstens zes opeenvolgende maanden aangewend wordt in overeenstemming met de functie.

Voor het bekomen van een schrapping uit het leegstandsregister moet de zakelijk gerechtigde een gemotiveerd verzoekschrift indienen bij de administratie door middel van een beveiligde zending.

Het verzoekschrift wordt gedagtekend en genaamtekend en bevat minstens volgende gegevens:

  • identiteit en adres van de indiener
  • de verwijzing naar de administratieve akte en naar het gebouw of de woning waarop het verzoek tot schrapping betrekking heeft
  • een of meerdere bewijsstukken die aantonen dat het gebouw of de woning kan geschrapt worden van het leegstandsregister
  • een oplijsting van de bij het verzoekschrift tot schrapping gevoegde bewijsstukken.

De administratie onderzoekt of er redenen zijn tot schrapping uit het leegstandsregister op basis van stukken als de feiten vatbaar zijn voor directe, eenvoudige vaststellingen, of met een feitenonderzoek. De administratie neemt een beslissing binnen een termijn van orde van twee maanden na de ontvangst van het verzoek tot schrapping. De administratie brengt de verzoeker op de hoogte van haar beslissing per beveiligde zending.

Wanneer het verzoek tot schrapping van een gebouw of van een woning als gegrond wordt beschouwd vermeldt het leegstandsregister als datum van schrapping de eerste dag van de aanwending overeenkomstig de functie.

Kennisgeving en beroepsprocedures tegen weigering tot schrapping uit het leegstandsregister

Binnen een termijn van 30 dagen, ingaand de dag na deze van betekening van het schrijven, kan een zakelijk gerechtigde beroep aantekenen tegen de beslissing tot weigering van schrapping uit het leegstandsregister. Dit beroep moet betekend worden aan het college van burgemeester en schepenen door middel van een beveiligde zending. Het beroepschrift wordt gedagtekend en genaamtekend en bevat minstens volgende gegevens:

  • identiteit en adres van de indiener
  • de verwijzing naar de administratieve akte en naar het gebouw of de woning waarop het beroep betrekking heeft
  • een of meer bewijsstukken die de indiener nodig acht om aan te tonen dat de beslissing tot de weigering van schrapping onterecht is, met dien verstande dat de weigering tot schrapping betwist kan worden met alle bewijsmiddelen van gemeen recht, met uitzondering van de eed
  • een oplijsting van de bij het beroepschrift gevoegde bewijsstukken

Als het beroepschrift ingediend wordt door een persoon die optreedt namens de zakelijk gerechtigde, voegt hij bij het dossier een schriftelijke machtiging tot vertegenwoordiging, tenzij hij optreedt als raadsman die ingeschreven is aan de balie als advocaat of als advocaat-stagiair.

Het beroepschrift wordt als onontvankelijk beschouwd wanneer:

  • het beroepschrift te laat is ingediend of niet is ingediend conform de bepalingen van artikel 8 van dit besluit
  • het beroepschrift niet uitgaat van de zakelijk gerechtigde conform artikel 1, 4. van dit besluit of zijn gemachtigde conform artikel 8, laatste lid, van dit besluit
  • het beroepschrift niet ondertekend is

Wanneer het college van burgemeester en schepenen de onontvankelijkheid vaststelt, wordt dat aan de indiener meegedeeld met de vermelding dat de procedure als afgehandeld wordt beschouwd.

Het college van burgemeester en schepenen onderzoekt als beroepsinstantie de gegrondheid van de ontvankelijke beroepschriften op basis van stukken als de feiten vatbaar zijn voor directe, eenvoudige vaststellingen, of met een feitenonderzoek dat uitgevoerd wordt door de bevoegde ambtenaar.

Het college van burgemeester en schepenen doet uitspraak over het beroep en betekent per beveiligde zending deze beslissing aan de indiener ervan binnen een termijn van 90 dagen, ingaand de dag na deze van de betekening van het beroepschrift door de indiener.

Voorwaarden

Dit reglement omvat enkel de modaliteiten omtrent de opname op het gemeentelijk leegstandsregister. Het bevat geen elementen over eventuele belastingen op leegstaande woningen og gebouwen.